Vergoeding van verbandhulpmiddelen

Zorgverzekeraars hebben met elkaar en in samenspraak met het werkveld afspraken over verbandhulpmiddelen gemaakt. Zo komt er meer eenduidigheid in de vergoedingen van verbandhulpmiddelen. Zorgverzekeraars zijn verenigd in Zorgverzekeraars Nederland (ZN). Wanneer wondverbandmiddelen worden vergoed, is afgesproken in de ‘Regeling Hulpmiddelen’.

Cliënten die met een recept voor verbandmiddelen in de apotheek komen, verwachten vaak dat deze middelen worden vergoed door de verzekering. Dat is echter lang niet altijd het geval. Het is fijn als je de cliënt daarover kunt informeren. Zo komen zij niet voor verrassingen te staan.

Hieronder wordt uitgelegd wanneer verbandhulpmiddelen wel en wanneer zij niet voor vergoeding in aanmerking komen.

Primaire functies

Alleen hulpmiddelen en verbandhulpmiddelen die zijn gericht op een van de volgende functies, worden vergoed:

  • afdekking;
  • absorptie;
  • fixatie;
  • reiniging.

Chronische wondzorg

De middelen en hulpmiddelen die gericht zijn op een van de primaire functies én worden ingezet bij chronische wondzorg, worden vergoed. Het gaat dus om een ernstige aandoening waarbij een langdurige behandeling met verbandhulpmiddelen nodig is. De verbandhulpmiddelen bij acute wondzorg komen NIET voor vergoeding in aanmerking.

Er is in de volgende gevallen sprake van chronische wondzorg:

  • Er is langer dan 14 tot 21 dagen wondzorg noodzakelijk én de wondzorg staat onder verantwoordelijkheid van, of wordt uitgevoerd door de arts of verpleegkundig specialist.
  • Er is sprake van factoren die het genezingsproces van een wond verstoren:
    o de aanwezigheid van niet-vitaal weefsel (necrose, fibrine);
    o bacteriële infectie;
    o verstoring in vochtmanagement;
    o verstoorde biochemische balans en cellulaire dysfunctie;
    o onderliggend lijden zoals diabetes mellitus, medicijngebruik en vaatlijden;
    o belemmeringen bij de cliënt rond therapietrouw.

Recidief

Een recidief (terugkeer) van een eerdere periode van chronische wondzorg wordt direct gerekend als chronische wondzorg. Als bijvoorbeeld een ulcus cruris of een decubitus terugkeert, dan wordt dit vanaf de diagnosedatum beschouwd als chronische wondzorg.


Terminale zorgfase

Bij mensen met een korte levensverwachting, de terminale zorgfase, kunnen complexe wonden ontstaan of aanwezig zijn. De termijn van 14 tot 21 dagen wordt dan niet meer streng gehanteerd. Belangrijk is het juiste verbandtype te kiezen passend bij de zorgvraag, en een beperkte hoeveelheid product per levering.

ZN-aanvraagformulier verbandmiddelen

Of wondhulpmiddelen voor vergoeding in aanmerking komen, is niet altijd gemakkelijk te bepalen en wordt soms verschillend beoordeeld. Om hier meer eenduidigheid in te krijgen is een aanvraagformulier verbandmiddelen ontwikkeld. Zo wordt het voor zowel de voorschrijvers als de apotheken en leveranciers die de verbandmiddelen afleveren, duidelijk wanneer hier wél en wanneer hier niet sprake van is.

Je vindt de verschillende formulieren op de website van ZN en je kunt het ZN-aanvraagformulier verbandhulpmiddelen hier downloaden.

Wie gebruikt het ZN-formulier?

Huisartsen kunnen verbandmiddelen voor langdurige wondzorg voorschrijven zonder het ZN-formulier. Als het om langdurige wondzorg gaat en de verbandhulpmiddelen voor vergoeding in aanmerking komen, zetten zij de indicatiecode B4 op het recept. Code B4 staat voor Stoornissen in de huid (voor verbandmiddelen, bij complexe wondzorg inclusief compressietherapie).

Overige aanvragers maken wel gebruik van het ZN-aanvraagformulier. 

N of H

In het Apotheek Informatie Systeem vind je in de Z-index de verschillende hulpmiddelen bij complexe wondzorg. Deze zijn ingedeeld in productgroepen. De productgroepen hebben de volgende codes:

  • VB: verbandhulpmiddelen;
  • CO: compressiehulpmiddelen;
  • ST: stoma-materialen t.b.v. fistelverzorging;
  • CA: kathetermateriaal t.b.v. wondspoeling;
  • IK: onderleggers.

De hulpmiddelen zijn voorzien van de code ‘H’ (H = hulpmiddel, komt voor vergoeding in aanmerking) of de code ‘N’ (N= niet vergoeden).

Let op: Het is belangrijk de maandelijkse updates van de Z-index tijdig te installeren in het informatiesysteem van de apotheek!