Het TIME-model

Bij wondverzorging hanteren zorgverleners vaak het TIME-model om een wond te behandelen. Het TIME-model geeft aan welke stappen nodig zijn om een wond gezond te maken. Het doel van het TIME-model is het creëren van een gezonde wond, zonder dood weefsel en ziekteverwekkende bacteriën, met weinig wondvocht en een goede doorbloeding. Pas dan kan de wond gaan genezen.

Het TIME-model laat zien welke behandeling en welke wondverzorgingsmiddelen in de verschillende fasen van de behandeling nodig zijn om de wondgenezing te bevorderen.

TIME is een afkorting voor:

  1. Tissue (weefsel)
  2. Infectie
  3. Moisture (vochtigheid)
  4. Edge (wondranden).

Stap 1. Tissue: verwijder dood weefsel

Om een wond te laten genezen, moet eerst dood weefsel uit de wond verwijderd worden. Dit kun je bijvoorbeeld doen door de wond goed te spoelen of schoon te krabben. Als de necrose niet uit de wond wil, is soms een operatie nodig of madentherapie.

In deze video zie je hoe madentherapie wordt toegepast in het Wond Expertise Centrum (WEC) van het Ikazia Ziekenhuis in Rotterdam.

Stap 2. Infectie: reinig en ontsmet de wond

In stap 2 wordt de wond gereinigd en zorg je voor infectiebestrijding door de wond te spoelen of met antibacteriële wondbehandelingsproducten te behandelen.

Stap 3. Moisture: zorg voor een goede vochtbalans

Een goede vochtbalans is belangrijk voor de genezing. De wondranden mogen niet uitdrogen of juist verweken. Vochtregulerende wondbehandelingsproducten en producten die de wondranden beschermen helpen hierbij.

Stap 4: Edge: let erop dat de wondranden goed gaan sluiten

Ten slotte is het belangrijk regelmatig na te gaan of er een genezingsproces zichtbaar is vanuit de wondranden en/of vanuit het midden van de wond. Als een wond na ongeveer twee weken geen genezing laat zien, dan zal de behandelaar kijken of een andere behandeling nodig is.