Interactie in de lever

Biotransformatie

Alle geneesmiddelen die via de darmen in de bloedbaan worden opgenomen, komen via de poortader in de lever terecht en gaan vandaar naar de rest van het lichaam. In de lever wordt een deel van het geneesmiddel al door enzymen omgezet voordat het geneesmiddel met het bloed naar de rest van het lichaam gaat. Deze omzetting heet biotransformatie.

Vaak gaat het om de omzetting naar inactieve bestanddelen, en wordt het geneesmiddel onwerkzaam. Soms gaat het om een omzetting van het opgenomen geneesmiddel in het actieve bestanddeel. Bijvoorbeeld: prednison wordt door de lever omgezet in prednisolon, het actieve bestanddeel.

Voedsel kan de omzetting beïnvloeden

Sommige voedingsstoffen beïnvloeden de werking van een belangrijke groep leverenzymen, de CYP450-enzymen, die verantwoordelijk zijn voor het omzetten van veel geneesmiddelen. Die invloed op de werking kan de omzetting van een middel remmen of juist stimuleren. De geneesmiddelen zullen daardoor langer respectievelijk korter in het bloed blijven. Het gevolg kan een sterkere (of zelfs toxische) werking zijn en een verhoogde kans op bijwerkingen. Ook kan het juist zijn dat er sprake is van een verminderde werking of dat een middel niet aanslaat. Je kunt je voorstellen dat dit bij bijvoorbeeld immunosuppressiva, antistolling of antibiotica gevaarlijke gevolgen kan hebben voor de cliënt.

Enzymremming

Cranberrysap

Enzyminductie

Verhoging van enzymactiviteit – en daarmee versnelde afbraak van geneesmiddelen – komt ook voor. Het betreft met name het enzym CYP1A2, dat een hoofdrol speelt bij de afbraak van antidepressiva en antipsychotica. Roken, spruitjes, broccoli en andere koolsoorten, en het eten van geroosterd voedsel kunnen CYP1A2 stimuleren. Bij een gevarieerde voeding levert deze interactie in de praktijk echter geen problemen op en kun je zonder risico gewoon een bord spruitjes eten.

Wist je dat rokers een hogere dosis clozapine en olanzapine nodig hebben voor een therapeutische bloedspiegel in vergelijking met niet-rokers? Dat komt doordat die geneesmiddelen bij rokers sneller worden afgebroken.

Kruiden en voedingssupplementen

Bepaalde voedingssupplementen en kruiden kunnen de werking van geneesmiddelen beïnvloeden. Veel interacties tussen geneesmiddelen en kruiden/voedingsmiddelen zijn nog niet onderzocht of er zijn beperkte gegevens voor beschikbaar. Een aantal wisselwerkingen die wetenschappelijk onderbouwd zijn, noemen we hier zodat je je bewust bent dat deze interacties kunnen voorkomen. Vraag bij afleveren van betreffende geneesmiddelen altijd naar het gebruik van voedingssupplementen of kruidenmiddelen. Zo kunnen cliënten hun geneesmiddelen veilig en effectief gebruiken.

Sint-janskruid

Gingko biloba

Echinacea

Tryptofaan

Wil je meer weten over kruidenpreparaten? Kijk dan eens bij de SBA-cursus Fytotherapie.