Complicaties voorkomen? Bloedsuiker omlaag!


Wisselende suikerspiegels

Ook bij goede therapietrouw van de geneesmiddelen komt het voor dat de bloedsuiker toch nog kan fluctueren. De bloedsuiker is namelijk afhankelijk van verschillende factoren. Naast de voeding hebben beweging, stress, emoties en een griepje invloed op de bloedsuiker. Dit maakt het in de praktijk soms lastig en tijdrovend om cliënten goed in te stellen op de juiste medicatie met een juiste verdraagbare dosering.

Een te lage bloedsuikerspiegel heet hypoglykemie, of kort gezegd hypo. Een te hoge bloedsuiker heet hyperglykemie, afgekort tot hyper.

Hypo:
bloedsuiker onder 4 mmol/l

Wat kun je cliënten adviseren om te doen

bij een hypo?

Een hypo gaat over als je snel iets zoets eet of drinkt (niet light). Bijvoorbeeld zes tot acht tabletten druivensuiker. Raad je diabetescliënten dus aan om altijd druivensuiker of een suikerdrankje mee te nemen. Duurt het nog een uur tot de volgende maaltijd? Adviseer dan om alvast een boterham, wat biscuitjes of fruit te eten. In ernstige gevallen kan iemand flauwvallen bij een hypo.


Informeer gebruikers van sulfonylureumderivaten en insulinen over de risico’s op hypoglykemieën en over omstandigheden die deze risico’s vergroten, zoals lichamelijke inspanning en alcoholinname.

Hyper:
bloedsuiker boven 10 mmol/l

Wat doen bij een hyper?

Het lichaam wil zelf het teveel aan suiker in het bloed kwijtraken door veel plassen. Veel blijven drinken (maar niets zoets!) helpt daarbij. Ook beweging is goed, dan verbranden de spieren bloedsuiker. Bij gebruik van insuline moet meestal tijdelijk extra insuline bijgespoten worden.

Als de hyper steeds erger wordt, kun je flauwvallen of zelfs in coma raken. Bij een heel ernstige hyper kan de adem naar aceton gaan ruiken. De complicaties die op den duur bij diabetes kunnen ontstaan, worden met name veroorzaakt door hypers. Het is dus belangrijk hoge glucosespiegels te vermijden om de langetermijncomplicaties van diabetes te voorkomen.

Hoe meet je je bloedsuiker eigenlijk?

Om te weten of de bloedsuikerwaarde goed gereguleerd wordt, is het belangrijk om regelmatig te meten. Iemand met diabetes kan op verschillende manieren de waarde van zijn bloedsuiker meten. Daarvoor zijn er verschillende meters in de handel.

Continue glucose monitoring (CGM) is de nieuwste ontwikkeling om de bloedsuikerwaarde te meten. Door middel van een sensor kan iemand zijn bloedsuikerwaarde op elk tijdstip van de dag bekijken. Voordeel van deze systemen is dat je niet iedere keer opnieuw hoeft te prikken, vanwege de aanwezigheid van de sensor.

Gemiddelde bloedsuikerspiegel

Het meten van de hoeveelheid glucose is een momentopname. Om te kijken hoe de gemiddelde bloedsuikerspiegel over de afgelopen 2-3 maanden was, wordt in een laboratorium vaak de HbA1c-waarde bepaald.

HbA1c

HbA1c is de afkorting voor versuikerd hemoglobine. Het ontstaat doordat glucose zich in het bloed bindt aan hemoglobine in rode bloedcellen. Dit proces is onomkeerbaar. Stijgt de concentratie glucose in het bloed, dan wordt er meer HbA1c gevormd. Omdat rode bloedcellen een levensloop van twee tot drie maanden kennen, geeft de hoeveelheid HbA1c een beeld van de gemiddelde bloedsuikerspiegel over de afgelopen twee tot drie maanden.

Een hoog HbA1c (> 53 mmol/mol) wijst erop dat de bloedsuiker de afgelopen dagen tot weken niet goed is geweest. Het kan dus zijn dat bij meting met de bloedsuikermeter de waardes altijd goed waren, maar dat men het niet op die tijdstippen heeft gemeten dat er hoge bloedsuikerwaarden optraden.

Maat voor therapietrouw

Het HbA1c is min of meer ook een maat voor de therapietrouw. Als iemand namelijk drie maanden niks slikt en twee dagen voor de controle begint met metformine, dan is de nuchtere glucose op dat moment wellicht prima, maar is de HbA1c 100% afwijkend.

Juiste instelling: nuchtere bloedsuiker en HbA1c

De HbA1c-waarde geeft dus, samen met het meten van de bloedsuikerwaarde op verschillende tijdstippen, een indicatie of de behandeling van diabetes optimaal verloopt. De waarde van de nuchtere glucose wordt gebruikt om de dosering van de geneesmiddelen zo nodig aan te passen. En aan de hand van Hba1c wordt bepaald of de cliënt goed is ingesteld of dat overgegaan moet worden naar de volgende stap van het stappenplan.